is toegevoegd aan uw favorieten.

Menschen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij geherbergd in de kelders van het gebouw der verzekeringsmaatschappij, zijn omgeving had hij goed gesteund en opgemonterd. Nu en dan, uit pure snoeverij, was hij boven in het gebouw gaan wandelen, zijn brandkasten gaan bekijken, en boven door het zoldervenstertje gaan luisteren naar het bommengesis en -gedreun, de branden gaan tellen die tegen de lucht opvlamden.

Slechts een verloren bom had enkele ruiten stuk geslagen wanneer zij een gat boorde naast het voetpad in de straat. Janssens meldde met groote voldoening aan zijn Bestuurder, zoohaast de stad overgegeven was en hij een kantoorknecht over de grens zenden kon, dat de gebouwen en den inboedel onbeschadigd waren. Tevens schreef hij aan zijn familie om hen aan te zetten direct terug te keeren.

De grijze herfstdagen wogen niet op zijn humeur, hij voelde zich zoo vrij en zoo zeker van zijn stuk... Hij verbeeldde zich het verbazend druk te hebben,overschouwde het leege kantoor waar hij nu alleen allerlei dingen nasnuffelde en in orde bracht...

Niet langer drukte de vriendenblik van Peeters op hem, hij dacht haast niet aan zijn kameraad, nu zulke verrassende gebeurtenissen zijn dagen vulden. Eiken dag deed hij een wandeling door een andere stadswijk, teekende de getroffen huizen op om later weer te kunnen nagaan of de vernielde panden ooit door hun maatschappij verzekerd waren geweest. Zoo kon men direct staten opmaken van risicos die afgeloopen waren.

Janssens had zijn eigen woning ongedeerd gevonden. In afwachting dat zijn gezin zou terugkeeren en de huisbewaarder zijn betrekking zou kunnen waarnemen, sliep hij in de portierswoning en liet zich de