is toegevoegd aan uw favorieten.

Menschen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ven er logeeren om op ons verhaal te komen en wat van de landstaal te leeren.

Ik had kennis gekregen met een aardig Chineesch meisken, de dochter van den burgemeester, en ik zou met haar getrouwd zijn, ingeval haar kleine misvormde voeten mij niet hadden tegengestoken.

Toen besloot ik maar op weg naar Peking te gaan. Ik nam afscheid van den neger die intusschen verliefd was geworden op de dochter van den veldwachter, beloofde hem te schrijven, en trok verder, nadat wij samen het goud verdeeld hadden.

Te Peking kwam ik aan op Allerheiligen, toen de stad in feest was, omdat de Keizer zijn ommegang hield. De menschen die daar heel geloovig zijn, stroomden uit de kerken maar gaven geen aandacht op mij, zoo Chineesch zag ik er uit... Het is een schoone stad met veel gebouwen maar zonder Reinigingsdienst.

Toen ik gedjingel en getrommel hoorde begreep ik dat de Keizer voorbij ging komen en ik wou hem nu ook eens zien... Het volk stond op de voetpaden en zag naar de maagdekens die bloemen strooiden voor den stoet. Dan kwamen ruiters met pieken gevolgd door soldaten met geweren. Hierop volgden klein mannekens in geelzijden rokken, precies meisjes. Zij zwaaiden wierookpotten zooals de missedieners doen... Een Chineesch muziekkorps speelde kerkmuziek, en al de menschen vielen op de knieën en bogen het hoofd ter aarde.

Ik deed als zij, maar loerde met een oog naar den Keizer. Hij werd gedragen op een troon onder een baldakijn door achttien dragers. Zijn kostuum was van witte zijde, beladen met goud en diamanten. Op zijn hoofd had hij een rood, Turksch potsken.

Plots zag ik een der dragers angstig rondzien, de