is toegevoegd aan je favorieten.

Menschen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ge weet!... Maar mijn Fransch is wat meer Waalsch... Toen Tist Fransch ging leeren heb ik zijn vrouw pas goed kunnen waardeeren. Het is al lang geleden maar vergeten zal ik het niet. Kom, ik zal een pijp stoppen en u dat eens eerst vertellen.

Op een Verloren Maandag ging ik Tist 's morgens vroeg halen om samen onze lokalen af te doen, en de nieuwjaarsgiften op de gezondheid der bazinnen uit te drinken. Hij stond op zijn Zondags gekleed in de keuken en gaf een klontje suiker aan den kanarievogel toen ik binnen kwam. Zijn vrouw hield een kruidenierswinkeltje op den Driesch en was bezig met klanten te bedienen.

Wij stonden een oogenblik voor het vogelkotje te geeloogen, maar het beest wou niet zingen. In het uitgaan vroeg Siska:

— Wanneer komt ge terug, Tist ?

— Om koffie te drinken, zei Tist.

En wij gingen. Wij waren nog jong en levenslustig Mijn tweede dochter was toen drie maanden en zijn oudste zoon, zijn eenig kind in dien tijd, drie jaren. Wij kenden al de Antwerpsche estaminets en de herbergen die wij niet kenden, bezochten wij op Verloren-Maandag om ze te leeren kennen. Kregen wij honger dan aten wij, en hoe langer wij dronken hoe meer dorst wij kregen. Hier speelden wij een partij ken kaart, ginder biljart of vogelpik, trakteerden om beurten na elke traktatie van de estaminetbazen. Wij waren goedgezind en dachten aan geen werken of dagelij ksche zorgen. Het werd middag. Het werd koffietijd, het werd avond,maar noch Tist noch ik spraken van naar huis te gaan.\\ ij hadden plezier in de Verloren-Maandag-vierdeis die door de straten zwijmelden, hielden ons zoo goed mogelijk recht en verzeilden ten slotte in «De