is toegevoegd aan uw favorieten.

Menschen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slapen kon van vermoeienis. Maar dat went wel!... Na den dood van Mama viel ons inkomen weg, zij had een klein pensioen... Ik was er op voorbereid, en had, in het vooruitzicht van eens alleen te staan, een cursus van ziekenverpleging gevolgd... Het viel erg zwaar, het leven is soms ellendig en hard... Na twee jaar lijkt het mij nu wel of ik heel oud geworden ben... ziekte, dood en menschelijke treurigheid hebben mij leeren berusten en doen begrijpen hoe betrekkelijk gelukkig ik ben...

— Waarom hebt ge Henri niet genomen?...

— Ja, waarom ! Ik had hem niet lief, waarschijnlijk... Daarbij meende ik, onwetend kind, roeping te voelen om anderen te helpen en te troosten.

— Uw opgewekte levenslust moet aanstekelijk zijn, liet zich de man ontvallen, terwijl hij den sigarenrook nastaarde.

— Ik durf het wel bekennen aan u beiden... er is iets in mij veranderd. Mijn natuurlijke opgewektheid ben ik lang kwijt, en wanneer ik alleen ben voel ik mij zoo eenzaam en mistroostig... Doch tusschen de menschen toon ik mij anders. Onweerstaanbaar ben ik dan gedreven zorgeloos en opgewekt te doen. Zoo hielp ik velen over 't ergste heen, terwijl de triestigheid mijn ziel verteert.

— Gij moet er uit, meende de man.

Gij zijt nog te jong om alles zoo wanhopig donker in te zien, fluisterde de vriendin, er is zon, er is ook liefde.

— Ik weet het!... Ik houd ook van licht en bloemen, van kinderen en vroolijkheid. Wat gij van ziekte en kommer, van honger en zedelijke laagheid vermoeden kunt, aanschouw ik dagelijks met eigen oogen... Dat laat niet meer los... Het gevoelige van uw natuur gaat