is toegevoegd aan uw favorieten.

Wat moeder zong in herfstavonden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mijn wielken viel weer stil... bleef stil, bleef nu stil voor eeuwig. En wijl hij mij zijn roode rozen bood, zoende hij mij als zijn eenig bruidje !...

't Gebeurde in den tijd toen de prinsen nog mooie herderinnekens verhieven tot koningin ! De koning was een groot vorst bij geboorte en door ziine nobele ziel !... En 't spinsterken en de koning, zij gingen hand in hand, al keerend naar zijn kasteel, waar zij gekroond werd, en hem vele zonen en dochters baarde.

Het spinnewiel, waaraan het vlas tot stof verging, staat in de troonzaal bij de kroonjuweelen en den schepter, als zinnebeeld van hoogen adel.

En de oude, goedige, diklijvige koningin van Kweetnietwaar, landstreek gelegen tusschen de Schelde en den Rijn, zij weende... en wierp den stengel weg der laatste roos, welke zij al vertellend ontbladerd had.

De hazewind likte hare hand, en de jachthorens zwegen. De negerslaaf wuifde gestaag de koelte aan, en de hofhouding zat ingetogen om de genadige vorstin geschaard.

Toen luidde de paleisbel voor etenstijd. Iets vroeger dan naar gewoonte, want er was een nieuwe kok, zeer bedreven !...