is toegevoegd aan uw favorieten.

A. Rodenbach bij de studenten te Leuven herdacht op 12 februari 1905

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

O groot is toch de macht der gedachte, die na een kwaart eeuws in schijn vergeten, levendiger dan ooit opwelt en die met haar bezieling een nieuwe generatie als overweldigt! Want wat zijn zacht en diep zienersoog in de toekomst ontwaarde, is nu wezenlijkheid.

De geest dien hij droomde, heerscht nu in het studentenvolk, dank ook aan spoor- en zweepslagen in de laatste tijden zoo onbesuisd als kwistig rondgedeeld !

Niet langer smeult het vuur onder de asch, maai helder en in lichter laaie flakkert het op.

Niet langer zullen blinden de blinden leiden, want de blinden zijn ziende geworden en alleen de leiders

willen niet zien.

Wij roepen u op, Albrecht Rodenbach, kom ter monstering van de door u geschapen knapenschap. Ziehier een gansch studentenvolk, de bloem des lands, trillend van geestdrift, door een flits uwer gedachte

in hun ziel gebliksemd.

Tel hier gilden van gemeenten, bonden van gouwen samengestrengeld tot één machtig algemeen verbond, en wees trotsch, het is uw werk 1

En zij allen, zij beminnen u, zij vereeren u, zij gioeten in uw schim den heiligen vlaamschen studentenkamp.

Zij zijn vaardig tot den strijd; en zoo niet het rapier hun aan de zijde bengelt, toch staan zij dapper in 't geweer gepanserd met het boek, gewapend met pen en wooord en bezield met uw geestdrift.

Trouw als staal, staan zij daar, het oog op uw wenk. Geen veldheer ooit als gij, had met zijn heir zoo'n enkele gedachte, eigen leven door eigen .taal.

Gij, geef het sein, en vooruit tiegen uw scharen ter zegepraal. Door u nochtans wordt hij bevochten,