is toegevoegd aan uw favorieten.

Liederen en gedichten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In 1857 begon hij met Jan van Rijswijck het liberale dagblad De Grondwet op te stellen. Uit dit jaar dagteekent insgelijks zijn eerste dichtbundeltje : Liederen (ie reeks — Antwerpen, L. J. de Cort). Dit eerste boekje was zeer eenvoudig, een in-duodecimo van ongeveer honderd bladzijden. F. de Cort's vrienden, C. J. Hansen en Frans De Potter, hadden er de opdracht van aanvaard. C. J. Hansen had er zelfs een inleidend gedicht voor geschreven, getiteld Bes Barden Nazang, waarin hij het Vlaamsche volk aanzei naar zijn dichters te luisteren om de ontaarding te keer te gaan. Het volgend jaar nam F. de Cort de redactie van het liberale blad De Schelde in handen ; en in 1859 zond hij, op even bescheiden voet als de eerste, eene tweede reeks Liederen (Antwerpen, L. J. de Cort) in het licht, ditmaal opgedragen aan de barones van Reinsberg, geboren Ida von Düringsfeld. F. de Cort had deze Duitsche dame, die in den Vlaamschen taalstrijd zoo een groot belang stelde, te Antwerpen ontmoet. Hij was haar met Sleeckx, Hansen, Vleeschhouwer e. a. behulpzaam geweest in het samenbrengen der materialen voor haar werk Das geistige Leben der Vlamingen (Leipzig, Ad. Lehmann. — Brussel, Fr. Claassen, 1861), een zeer uitvoerig overzicht op de Vlaamsche literatuur na i83o, met veel biographische bijzonderheden en een groot getal vertalingen.

In »86o zei F. de Cort vaarwel aan het journalisme en werd rekenplichtige in de stoomvaartcompagnie van H. H. van Maenen. Hij werd als het ware van de eene betrekking naar de andere geslingerd zonder er bepaald anker te kunnen werpen. Hier bleef hij weeral niet langer dan een jaar; hij ging in 1861 naar Brussel, als secretaris van den auditeur-generaal bij het hooge krijgsgerechtshof. Ditmaal stond hij op vasten grond; hij bleef deze betrekking waarnemen tot aan zijn dood.

Intusschen was F. de Cort in het huwelijk getreden met Mej. Emilie Dautzenberg, dochter van Johan, onzen keurigen dichter. Frans' echtgenoote was een zeer begaafde en aanminnige vrouw. Hare moeder, M. Maillart, dochter van