is toegevoegd aan uw favorieten.

Liederen en gedichten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tegen de Weelde 3ijner Eeuu?.

Horatius' Oden» II, i5.

Den ploeg vergunt weldra de paleizenbouw maar luttel gronds meer ; vijvers, zoo ruim, voor 't

minst,

als 't meer Lucrinus ziet men ; eenzaam groeit de plataan op de plek door 't olmbosch

weleer bekleed ; viooltjen en mirt en keur van kostlijk reukzinstreelend gewas doorgeurt de tuinen, waar voorheen de olijfboom rijklijk des eigenaars vlijt beloonde.

Eerlang ook schut voor gloeienden zonnestraal de lauwerboom... Zóó schreven het Romulus'

geboón, des ongekamden Cato's leeringen voor, noch der vaadren zeden.

Toen was gering der burgeren have, groot des Rijks bezit ; verfrisschenden noordenwind ontving geen zuilengang op tien voets mate gebouwd voor gewone burgers.

Voor 't needrig stroodak eischte de wet ontzag,

maar uit de schatkist werden de steden rijk getooid en marmer blok bij blok ter tempelversiering der mijn ontdolven.

Handschrift.