is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven en de werken van Michiel de Swaen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

III.

De Swaen's Treurspelen.

De Swaen's toonebltheorie : De Fransche classieke tooneel wetten. — Welke Aristotelesvertaling gebruikte De Swaen? — Gemeenplaatsen. — De Swaen durft geen persoonlijk oordeel uitdrukken. — Duur der tragedie. — Aard. — Tegemoetkoming tot den smaak van het publiek. — Leer der hartstochten. — Beperkt belang van De Swaen's verhandeling over het tooneel. — Mauritius : Onderwerp. — Bron — Geliefkoosde stof onder onze rederijkers. — Behandeling. — Toepassing der classieke tooneelwetten. — Dramatische Waarde. — Mauritius' ondramatisch karakter. — Het koningschap bij Gods genade. — Gelijkenis met de Juives van Garnier? — Karaktertrekken der tweede-rangs-personages : Gonstantina, Phocas. — De voedster in Mauritius en in Corneille's Jte7,aclius. — Catharina : Onderwerp. — Behandeling. — Gelijkenis met De la Serre's Martyre de sainte Catherine, Vondel's Maeghden en Corneille's Polyeucte. — Catharina, de conventioneels « Maagd en Martelares » uit het christen tendenzdrama; Maximijn, de verstokte heiden uit hetzelfde drama. — Dramatische waarde. — Zedighe Doot van Carel V : Inhoud. — Geen handeling. — Geen inwendige strijd bij Keizer Karei. — Geen conflikt. — Filips tegenover zijn vader. — Zwakke individueele karakteristiek der personages. — Stelt De Swaen Egmond en Oranje als huichelaars voor? — Algemeen oordeel over De Swaen's treurspelen : Zijn Looten's beschouwingen over Vondel's opvatting van het tooneel als « historieschildering » gangbaar? — De Swaen volgde dë tooneelwetten van zijn tijd. — Geen dramatisch temperament. — Didactische lyriek. — Rhetoriek. — Ventalingen van den « Cid » en den « Andronicus » : Doel. — Wat leerden zij hem? — Beschrijvingen. — Legendetje over de Cid-vertaling. — Rhetoricaal gesmede verzen en de Cid. — De « overschreding ». — Fransche en Nederlandsche Alexandrijnen.

De classieke looneeUheorie der 17e eeuw eo hare geschiedenis is te zeer hekend om er hier lang bij stil le blijven. J.-C. Scaliger, die « kerek van alle kunsten en weelenschappen » zooals Vondel hem mei een kinderlijken eerbied noemde, had in 1561 de Ars poëtica van Aristoteles heruilgegeven, na de leemten van het. oorspronkelijke geschrift aangevuld te

(1) Vondel, Salmoneus. Voorbericht, blz. 86. Ed. Van Lennep-Unger.