is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven en de werken van Michiel de Swaen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lyrische verheffing. Vooral de herhaling van het bemoedigende « Den Heere leeft! » maakt een treffenden indruk.

Den Heere leeft die my van myne jonkheyt af

Als op syn banden droegh, en myn beroemden staf

Bestierde tegen die my durven wederstreven :

'k Wiert door syn zegen, niet door myn beleyt, verheven

Tot soo doorluchtige, soo groote Monarchy.

't Is syn', niet mynen arm, die 't heir der kettery

Met d'ongelovigen het stael uyt d'handen rukte,

En al de vyanden van synen naem verdrukte.

't Is synen arm die Ryn, Dannauw en Elbe-stroom

Ontroerde, en t'myner rust, door tsidderingh en schroom

Geheel Europen en Afrycken deede dreunen.

Den Heere leeft, die u in 't ryk sal ondersteunen,

En tot hehoudenis van uwe landen waekt.

Dien Godl, die gheel myn hoop, gheel myn betrouwen maekt,

My door syn hulp versterkt, en schoort met syne schouders;

Dien steun en schermheer van myn vader en voorouders

Sal ook den uwen syn : dien Godt en Heere leeft

Die u tot desen troon voor sigh verkoren heeft,

En t'syner glory in die grootheyt sal behoeden.

(3» bedrijf, t" tooneel.)

Ook uit Keizer Karel's gebed na den troonsafstand spreekt innige godsdienstaandrift.

Gy, Almogende opperheer, Wien alle majesteyt, grootdadigheyt en eer En glory eygen is : gy, die der vorsten hoven Kont op een oogenblik van hunnen glans beroven En plett'ren, met een wenk des werelts oppermacht, Dat heden gheel myn roem u sy geofferslacht Met al de heerlykheyt en vorstelycke waerde, Die ik, door uw gena, genoten heb op aerde. Ick quam ter werelt swak, krank, moedernaekt (en bloot) En wensch te keeren krank en naekt in 's aerdens schoot, Om, in een duyster graf, myn grootheyt neer te leggen. Genadigste, nu magh myn ziel met reden seggen : « O Heer! gy hebt myn boey en banden gants verplet; » Nu gae ik met genucht, verbreyden uwe wet,

ü