is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven en de werken van Michiel de Swaen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overvloed der gelijkenissen, die wij in hun werk vinden. Dit is het geval met De Swaen. Nooit heeft hij een versje als commentaar naast een zinnebeeldige prent geschreven, maar sommige gedeelten van zijn werk zijn zoodanig met vergelijkingen in den aard der emblemata opgepropt, dat hij wel recht heeft op een bijzondere vermelding bij het bespreken dier zeventiendeeeuwsche, zinnebeeldige nuttigheids-literatuur. Emblemata in kiem liggen voor het grijpen in verzen als de volgende :

De vreught waernae ghy wenscht is als een schoonen morgen, Die dikwils in haer glans 't onweder houdt verborgen, Is als een schoone bloem, die 's morgens pronkt in 't hof, En eer het avondt wordt seer dickwils valt in 't stof. Ghelykt die vreught by hoey, dal, eer het is gesneden, Verbrand wort door de son, of van 't gediert vertreden, Ghelykt ze by den lach van een twee-jaerigh kindt, By helder winter-weer, by stille Maertscbe windt. Ghelykt ze by het bloos van jonghe Maegde-verven, Dat heden U bekoort, en morgen sal versterven; Ghelykt ze by een roock, een damp, een zier, een riet, Ghy toont den rechten aert van haere broosheyt niet (*).

Even overvloedig liggen de zinnebeelden voor de hand in andere fragmenten. De ziel, die Jesus volgt, is gelijk aan de zonnebloem, die zich naar het licht wendt (2); de rijke, die onrechtvaardig handelt zal in « 't bedryf van syn onrechtigheden »> vallen « ghelyck een lentebloem van haeren steel gesneden », « ghelyck een rotte peir in het slyck (3) »; De Swaen's hart is met Jesus verbonden,

Gelyk den Eykeboom met d'Yft Geduerigb aen vereenigt blyft; Gelyk de bron met haeren ader; Het eenigh kint met zynen vader; Den trouwen huysman met syn wyf; Gelyk de ziele met het lyf (*).

(*) Zedelycke Rymwercken, 1° deel, nr 5, blz. 28. (*) lbid., 1" deel, n' 10. (3) lbid., 2° deel, nr 7.

(*) Hs. van het Comité flamand de France (I), n' 10, Toemaat.