is toegevoegd aan uw favorieten.

Iets over Oud-Batavia

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

inenting in, voorts onderwerpen op het gebied van de gezondheidsleer en van de natuurkunde naast land- en volksbeschrijvingen; langdradige artikelen, echt uit den pruikentijd, maar ook nu nog zeer waardevolle stukken en gegevens betreffende het Indië dier dagen, o. a. een verdienstelijk, frisch geschreven artikel van Andries Teisseire over de Ommelanden van Batavia, de inrichting der landgoederen en het landbouwbedrijf; het is alsof de ondergaande zon een zacht glanzend licht werpt over de groene sawahs, de bosschages en suikermolens van het mooie landschap, waar de rijke landheeren wonen in statige landhuizen. Bezuiden Mr.-Cornelis had Craan, mede één uit Radermachers kring, zich het thans nog bestaande, hooge rustige buitenverblijf Tandjoeng-Oost gebouwd, dat door vererving is overgegaan op de familie A.ment, die dit landhuis nu bezit. En westelijk van Batavia aanschouwt men nog het landhuis Tjengkareng, dat door Smith gebouwd is in den rustigen stijl dier dagen. Buitenverblijven, waar, vooral in drogen moesson, onze voorzaten zich verpoosden, genietende van het toenmaals ook in Holland zoo in zwang zijnde, gemakkelijk buitenleven pratende,

lezende en biljartende, of te voet dan wel in een draagstoel de omstreken bezoekende, terwijl de landman de sawahs verzorgde, het padiproduct en de vruchten stadwaarts afvoerende.

Tn dit Indië nu kwam de jonge Dirk van Hogendorp met zijn eerzuchtige, critiseerende geest, en alras verbond hij aan plannen voor zich zelf zuivering, vernieuwing van den Compagniesdienst, en hervorming van het ouderwetsch bestuur met regenten als Compagnies leenmannen, tevens contingenten- en producten-leveranciers. Ik weet niet of deze jonge man van deftigen huize bij zijn strijd tegen den geest des tijds ook bijzonder getoornd heeft tegen de overdadige, holle praal van het toenmalig Indisch leven — Mossels ordonnantie tegen de pracht en praal van 1757 was ook toen nog in volle fleur, en beteugelde veel minder dit bederf dan dat zij die ijdelheid tarifeerde en het standsverschil verscherpte: alleen de vrouwen van den Gouverneuren Directeur-Generaal alsmede van de Raden van Indië en den President van den Raad van Justitie mochten gouden of zilveren, met edelsteenen ingelegde sirih-doosjes van meer dan 3.000 Rds. waarde zich laten nadragen, en een Regent van Tjiandjoer 1) had er indertijd een ƒ 10.000 voor over om

1) Priangan I blz. 35?