is toegevoegd aan uw favorieten.

Kroniek der Nederlandsche letteren, 1917-1918

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelie ondergaat, wanneer men het gewijde verhaal in stemmingvolle landschapjes zet en in zacht-verfijnd proza over-vertelt: — een kinderbijbel voor groote menschen.

En wilt ge er een staaltje van, hoe nutteloos en onmachtig deze „kinderbijbel voor groote menschen" vaak is, neem dan eens Van Schendel's versie van het aangrijpend-dramatisch tooneel van Petrusen den haan:

„Petrus stond in den binnenhof achter de donkere palen toen aan de andere zijde Jezus de deur uitkwam, maar wegens de krijgslieden durfde hij niet tot hem gaan. Een slavin, die daar langs ging zag hem en zij naderde en zeide:

Gij waart ook met Jezus den Galileeër.

Hij wist geen antwoord en zeide:

Ik weet niet wat gij zegt.

Donker was het daar. Bevangen van een benauwenis en zonder gedachte sloop hij naar de voorpoort waar het licht der maan viel. De slavin echter volgde hem en haar genooten ziende riep zij hun toe:

Ziet, deze was ook met Jezus van Nazareth.

Hij sloeg zijn handen voor zijn ooren en riep:

Ik ken den mensch niet!

Anderen kwamen rondom, ook krijgsknechten, en als zij hem ondervraagd hadden, zeiden zij:

Voorzeker, gij zijt ook van die van Galilea, want uw spraak verraadt u.

Hij vloekte zichzelven en riep smartelijk uit:

Ik ken den mensch niet!

En de haan kraaide, een roep galmde door zijn bevend hart."

Vergelijk met dit zwakke oververtellen en halfslachtig opmooien van het kort en indringend bijbelverhaal, zoowel bij Mattheus als bij I/UCas besloten door den machtigen regel: „En Petrus ging uit