is toegevoegd aan uw favorieten.

Kroniek der Nederlandsche letteren, 1917-1918

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN ROOMSCHE SCHRIJFSTER. »)

Een Roomsche schrijfster noem ik haar opzettelijk, en niet eene Katholieke; want dat is niet hetzelfde! Immers, wordt dan onzen Katholieken al eens voor de voeten geworpen, dat zij nooit sterk nationaal gevoelen kunnen, omdat hun hart steeds meer aan „Rome", d. w. z. aan het geestelijk Rijk van hun Heiligen Vader, dan wel aan het Moederland hangt, — de benaming „Roomsch" drukt allerminst uit: het internationaal-katholieke, maar juist, integendeel: het Hollandsch-katholieke.

Zoudt gij meenen, dat de Katholieke kerk en de Katholieke menschen overal hetzelfde waren? Het mocht wat! Zij zijn niet eenmaal hetzelfde boven en

beneden den Moerdijk In Noord-Brabant en in

I/imburg, waar de kerk van Rome nagenoeg geen bestrijding ondervindt en dus, ongeharnast, gemoedelijk als bij zich thuis is, — daar heeft de bevolking aanstonds het zonnige, levenslustige, zorgelooze van menschen, die door biecht en aflaat van oudsher een gemoedsrust bezitten, welke de alles moeizaam in zichzelf verwerkende protestanten missen; een gemoedsrust als eerst de modernste psychiatrie, de psycho-analyse, aan haar zenuwzieken terug poogt te geven met het z-g- „schoorsteenvegen , het uit zich weg praten van al wat er in de diepste zielsverborgenheden aan roet

nog vastzitten mocht, — met de biecht dus aan

den geneesheer.

Marie Koenen: Sproken en Legenden. (J. W. van Leeuwen).