is toegevoegd aan je favorieten.

Kroniek der Nederlandsche letteren, 1917-1918

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gelukkig is er ook in dit opstel zeer veel beters. Suggestief, op blz. 79, is dat oude priestertje in Notre Dame, die optuurt naar de schitterende rosacés, „die wondere, groote rozen, die hooge wanden van glas, van edelsteen, van vonkende amethisten en robijnen, die daar wijdstralend openbloeiden" — en voor welker behoud het misschien was, dat de

oude had liggen bidden Suggestief eveneens is

die stille, witte maannachtwandeling, van het Ile Saint Louis de Quai aux Fleurs langs, en het slaan van al de historische klokken van Parijs, te middernacht. En ook het aanvangs-opstel „De Torens van Vlaanderen", bevat suggestieve en schokkende bladzijden.

♦ *

En daar komt Buysse, zoo maar doodgewoon in zijn reispak — korte broek, gleuf in den rug — achteraan gewandeld en vertelt „van een verloren zomer", waarmee wij echter dit boekje wonnen.

Een mooi boekje, maar ook het boekje van een mooi levens-aanschouwer. Zijn ervaringrijke blik heeft veelvuldiger ontvankelijkheid en een nog rustiger-ruim gezichtsveld dan de beminnelijke kijk van Caesar Gezelle hebben kon; en zijn spontane kunstenaarschap laat hem niet toe, het simpelste verslag uit handen te geven, of van elk onderwerp is het meest teekenende in enkele gevoelige of rake trekjes vastgelegd.

Men zie eens, hoe hij verhaalt van Londen, wuft en licht en vroolijk, niet ondanks, maar tengevolge van den oorlog, door Tommy's en officieren als een groot sportfeest beschouwd, dat vertier in de lucht brengt en waarvan de gevaren recht geven op weelderige ontspanning (klagen doet trouwens de Engelschman niet gemakkelijk, zelfs niet over een afgezetten arm of een gebroken been) — en van zijn bezoek