is toegevoegd aan uw favorieten.

Mijn Brugge

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en, indien er opbeuring noodig was, zoude voorzeker dit een ander hiertoe in een groote maat hebben medegewerkt. - Doch ik ben een soort van Batavier en behoor dus tot degenen, die niet los laten; en, zoo als onze vriend Vuylsteke zegt, het is met handen en tanden, dat ik eene zaak verdedig, als ik ze eens aangepakt heb. Wel te verstaan, als ik op trouwe bondgen rekenen mag en ik mij gerugsteund voel door een,ge k oeke strijders, die willen wat ik wil. En dat is gelukkig hjet gevah De Reizigerskring met U als Raadspensionaris aan het hoofd, zullen de zaak wel redden en tot eenen goeden uitslag brengen. )

beraadslagingen der Staatscommissie na™n toen '

gunstige wending voor Brugge en naar aanleiding daarvan schre De Maere nog L Sabbe: „Er is voo, den tegenwoord.gen toestand geen geneesmiddel; Brugge schijnt mi) tegen een onverdiend noodlot te moeten worstelen, alles gaat tegen, doch den

moed 2 Men .allen; da, hebt gij ™j beloofd *

bres hoort gijl* ') Betere dagen braken aan. Onder den drang der onvelaktc volksbeweging stemden de openbare machten de eene na de andere, de noodige credieten voor de ontworpen havenwerken. In 1893 was het de Prov.nceraadvan West^ Vlaanderen die zijn aandeel in de uitgaven stemde. Naar aan leiding dezer stemming schreef De Maere vol vreugde aan Sabbe. Wij zijn er nu toch eindelijk. Vlot eu gemakkelijk en spoedig f het „let gegaan, dat weten wij het best. - Hoe is toch de officiëele wereld in Brugge veranderd! Herimu;rt g.j u nog onze eerste jaren? Weet gij nog hoe dikw,,ls w,j onze °P'ech,e a aanhangers geteld hebben en dat de vingers van eéne hand daartoe

voldoende waren? Wie zoude ooit die

schrijven?" s) In 1895 werd door de wetgevende Kamers de ver binding van Brugge me. de zee bepaald gestemd, en Sabbe en

') Brief van 12 April 1882. ') Brief van 11 Mei 1882. ') Brief van 16 Juni 1893.