is toegevoegd aan uw favorieten.

Mijn Brugge

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN VISCHWIJFJE.

Zij keert van zee, met wangen rood als boeien, De korven aan den arm, vol levend goed:

Grijsroze en zilvren visch, zoo versch als bloed, En ziet, hoe schellemsch leuk haar blikken gloeien!

Op d'oude Markt, aan 't reitje, zit ze goed,

Frisch, vóór haar kraam, en laat de koopwaar vloeien, Uit mand en ben, daar bieders haar omstoeien, Viesneusjes ook, die zij wel zwichten doet.

Geen vreemde nuf! Zij roept de zee voor d'oogen: Die visch, dat bekje, als paarlemoer, het draagt De kleur der zee, waarop de morgen daagt.

Ook als de zee, door eiken wind bewogen,

is haar gemoed; z'is wars van pronk en logen! Zij spreekt een taal, die om matrozen vraagt!

4 November 1894.