is toegevoegd aan uw favorieten.

"Tamar"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tot bitteren mond berecht,

had Tamar zelve lasterlast en schijn van schuld

gedragen, liever dan door rukkend ongeduld

de schand te ontblooten van beenderen die verdorden.

Juda, somber, volgde met wantrouwigen blik

het heimnisvolle van het grootsch eenvoudige,

stralend met wisselspel van glans

in heel haar wezen om de goudige

diepten van der oogen zonnenbronnen;

en voelde nooit zoo sterk als thans

die huivering van wonne

door een stroom van louteren schrik.

Beloften van het klaarste leven,

bedreigingen van donkeren dood

kwamen op hem toegedreven

als gravengroen door vlammenrood.

Opnieuw begreep hij de angsten van zijn zoon en zeide . « Vrouwe, onrust zet u aan tot overdrijving. Zelf mocht ik gadeslaan hoe Sjela, van jacht terug, der maagden armenketenen

[scheidde

cm, lachend wel, maar vrij zijn gang te gaan.

Geloof, zijn staat en afkomst kent hij beide,

en beide houdt hij hoog.

Wanneer dan nijd en haat van dienstbren u belagen,

wantrouw uw oor, wantrouw uw oog.

Want wie u noode in eer en j onsten zagen

maken verzinselen met een glimp

van waarheid tot de waarheid,

en gretig geven leugenen openbaarheid