is toegevoegd aan uw favorieten.

Meivuur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zandriene snelt naar den wever, als om hem te beschermen. Het schot brandt los, terwijl, van verre, Dries en de leerjongen komen aanloopen.

Het meisje zinkt, in de borst getroffen, neder.

Bart maakt zich uit de voeten.

Zandriene,

in Cis' armen:

Vaarwel, zoet lief! 'k Heb u te veel bemind!

Zich oprichtend, plechtig:

Mijn woord van minne voor eeuwig bindt!

Cis valt neder op de zieltoogende, snikkend, kussend.

Leeuweriken trillen hun morgenlied.

Baas Jan, de vader en de moeder van Zandriene, Cis' moeder, boeren, die naar den akker gingen, snellen bij en omringen met ontblooten schedel de twee.

Vijf uur slaat dé klok in het dorpje.

Doek.

Geschreven te Wambeek-bij-Ternath, in Augustus-September 1883. Getoondicht in 1913 en 1915.

TT

44 net