is toegevoegd aan uw favorieten.

De leeuw van Vlaanderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meer voorzichtigheid begaafd was, bracht haren mond aan zijn oor en suisde :

« De gevangenis van Philippa, hare moei. Spreek er haar niet meer van; zij weent geduriglijk. Nu gij beter zijt, zal ik straks, indien meester Rogaert het toelaat, met u over gewichtige zaken handelen; maar de jonge vrouw mag ons niet hooren; ook verwacht ik meester Rogaert. Nu, houd u stil, mijn broeder, ik zal Machteld in eene andere kamer leiden. •

De ridder legde zijn hoofd op het kussen en veinsde te rusten. Hierop keerde Maria zich tot Machteld en sprak :

« Jonkvrouw, het gelieve u met mij te gaan; want mijnheer Adolf wil wat slapen. Zijne dankbaarheid voor u doet hem te veel spreken.»

Het meisje volgde gewillig hare vriendin.

Een weinig daarna kwam de wondheeler Rogaert aan de deur en werd door Maria bij haren broeder geleid.

« Wel, mijnheer Adolf, » riep Rogaert, terwijl hij hem de hand vatte, « het gaat goed, zie ik? Nu alle vrees terzijde : wij zijn gered. Het is niet noodig, dat ik uwe wonde op dit oogenblik verbinde. Drink maar overvloedig van dit water, en houd u zoo beweegloos als gij kunt. In minder dan eene maand zullen wij te zamen eene wandeling doen. Dit is mijne gissing; nochtans kunnen onvoorziene toevallen ons verachteren. Dewijl uw geest niet zoo krank is als uw lichaam, laat ik toe, dat jonkvrouw Maria u van de droeve gebeurtenis kennis geve; maar ik bid u, mijnheer Adolf, ontstel u niet te zeer en wees steeds bedaard. »

Maria had reeds twee stoelen bijgetrokken; zij plaatste zich met meester Rogaert bij het hoofdeinde neder. De zieke ridder bezag hen met de grootste nieuwsgierigheid, en merkbaar was het op zijn gelaat, dat hij zich reeds bij vooruitzicht bedroefde.

« Laat mij tot het einde spreken, » ving Maria aan; « breek mijne rede niet af en houd u kloek, mijn broeder. In den avond, die u zoo noodlottig was, riep onze graaf zijne getrouwe leenmannen bijeen, en verklaarde hun, dat hij naar Frankrijk reizen wilde, om den koning Philippe