is toegevoegd aan uw favorieten.

De leeuw van Vlaanderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schaarde zich in slagorde om den vijand te ontvangen.

Zij bemerkten welhaast, dat zij zich hadden bedrogen; want het gevaarte, dat het stof in de lucht dreef, ging zonder orde voort; er hepen vrouwen en kinderen in menigte door elkander. De vrouwen en kinderen maakten een akelig misbaar van weeklachten rondom eene draagkoets, die door mannen werd aangebracht. Alhoewel de oorzaak der wapenneming nu verdwenen was, bleven de ambachtslieden nog altijd in hunne wapens en wachtten met nieuwsgierigheid, om te weten wat dit beduidde. Eindelijk naderde het gevaarte voor het leger. Terwijl vele vrouwen en kinderen door de gelederen heendrongen, om hunnen echtgenoot of hunnen vader te omhelzen, ontvouwde zich een schrikkelijk tooneel vóór het midden der scharen.

Vier mannen brachten de draagbaar tot op eenen kleinen afstand van den deken der beenhouwers, en plaatsten twee vrouwenlijken op den grond. De kleederen van dezen waren met lange bloedvegen besmet; hunne wezenstrekken kon men niet zien, want er lag een zwarte sluier over hunne hoofden. Terwijl de lijken uit de draagbaar gelicht werden, vervulden de vrouwen de lucht met hare klachten; het hartverscheurend : wee ! was alles wat men in het eerst verstaan kon. Eindelijk riep eene stem:

« De Franschen hebben haar wreedelijk vermoord!»

Die roep bracht de woede en den wraaklust onder de ambachtslieden, die tot dan met verbaasdheid gewacht hadden; maar de deken Breidel keerde zich tot hen en riep :

« De eerste die zijn gelid verlaat, zij streng gestraft! »

Hij was door eene pijnlijke onrust gefolterd, alsof een voorgevoel van het ongeluk, dat hem gebeurd was, zijn hart op voorhand beneep; met onstuimigheid liep hij tot bij de lijken en rukte den doek van hun aangezicht.

Maar, o God! hoe schrikkelijk was hem de onzalige blik zijner oogen!... Geen zucht ontging zijnen boezem, geen lid verroerde zich in hem, en hij stond als door