is toegevoegd aan uw favorieten.

De leeuw van Vlaanderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fried zoo sterk tegen de kin, dat hij uit den zadel stortte. Dan vielen twintig beenhouwers hem op het lijf, en hij ontving twintig wonden, waarvan de minste tot zijnen dood genoegzaam was. Intusschen was Jan Breidel met eenigen zijner mannen dieper in den vijand gedrongen en had zoolang gevochten, dat hij den standaard van Brabant gewonnen had; met dezen al strijdende bij de slagorde gekomen zijnde, scheurde hij het doek aan stukken en wierp de schacht weg, roepende:

« Schande, schande, over die verraders! »

De Brabanders, dien hoon willende wreken, vielen met meer woede op den vijand en deden ongehoorde pogingen om de baniere van mijnheer Willem in weerwraak ook te scheuren; maar de vaandrager, Jan Ferrand, vocht met eene dolle razernij tegen al wat hem naderde. Viermaal werd hij ten gronde geworpen, en viermaal stond hij weder met den standaard op, alhoewel hij met wonden overdekt was 146.

Willem van Gulik had reeds een groot getal Franschen voor zijne voeten uitgestrekt; elke houw van zijn reuzenzwaard gaf eenen vijand den dood over. Door al de geweldige pogingen afgemat, en overal door slagen gekneusd, sprong het bloed hem langs neus en mond uit; hij verbleekte en voelde dat de kracht hem begaf. Met bittere spijt vervuld, week hij achter de slagorde, om zich een weinig te herstellen. Jan de Vlamynck, zijn schildknaap, deed de riemen van zijn harnas los en ontlastte hem van zijne wapenen, om hem vrijer te laten ademen

In de afwezigheid van Willem hadden de Franschen weder eenigen grond gewonnen, en de Vlamingen schenen achteruit te willen wijken. Dit ziende, gaf Willem zijne droefheid door wanhopige klachten te kennen. Jan Vlamynck bedacht seffens eene zonderlinge list, die van de gewone dapperheid zijns meesters getuigt. Hij deed al de wapens van mijnheer Willem aan 148, en zich te midden der vijanden werpende, riep hij :

« Achteruit mannen van Frankrijk! Hier is Willem van Gulik weder! »