is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit de bron

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haar niet informeeren: een vreemd gevoel van valsche schaamte weerhield mij. Ik eindigde met de onbehagelijke gewaarwording uit mijn geest te verbannen en troostte mij met de gedachte dat ik haar, zonder twijfel, bij mijn eerstvolgend bezoek zou terugzien.

Doch ik kwam terug en zag haar niet. Toen leed ik werkelijk. Wat speet het mij haar destijds niet gevraagd te hebben wie zij was en waar zij woonde! Daar stond ik nu bedroefd alleen op de vaste plek onzer gewone ontmoetingen; ik raadpleegde het uur, dat hetzelfde was van alle andere dagen; ik staarde in 't verschiet over het kronkelpad langsheen de Leie met haar zachtsuizelende rij populieren; ik keek naar de groote boerderijen met hun schitterend-bloeiende boomgaardtuilen; ik keek naar al die welbekende, schoone dingen en zocht mistroostig en vergeefs naar iemand die het kwellend geheim voor mij zou kunnen ophelderen, toen ik een jongen knaap, die iets wits in de hand droeg, naar mij toe zag komen. Hij vertraagde zijn schreden /00dra hij mij had opgemerkt en een kleur bedeesde zijn zachte wangen. t W as of hij mij wenschte te spreken en niet durfde.

—- Is t mij die ge zoekt, ventje ? vroeg ik aanmoedigend.

andachtig keek hij mij aan, alsof hij al de bijzonderheden mijner physionomie nauwkeurig ontleedde. Eindelijk antwoordde hij no<* ietwat aarzelend: B

— Mischien wel, meneer.

Op mijn beurt nam ik hem met aandacht op. Hij had levendige oogen, donker haar en frissche wangen. De uitdrukking van zijn gezicht was mij niet heelemaal vreemd. Ik moest hem reeds vroeger gezien hebben, of hij herinnerde mij een welbekend iemand.

— En wat verlangt ge van mij, manneke? glimlachte ik

Hij reikte mij het voorwerp aan, dat hij in zijn hand hield. Instinktmatig, met een lichte huivering, trok ik mij even terug. Wat hij my aanbood was een « doodsantje» een van die rouw-omrande kaartjes, zooals men in de dorpskerken van Vlaanderen uitdeelt, na een begrafenis!

Myn onwillekeurig afwijzend gebaar scheen hem pijnlijk te trefen. ten uitdrukking van groote droefheid versomberde eensklaps zijn jeugdig gezicht en ik zag zijn schitterende oogjes vochtig worden, t Is van mijn zuster, zei hij, met schorre stem.