is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit de bron

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik wil u, in korte woorden, de geschiedenis van Fram vertellen.

Ik heb Fram heel goed gekend.

Het was een mooie, groote herdershond met lang, grijs haar en witte vlekken. Hij stond fiksrecht op zijn vier pooten en in zijn ronden kop, tusschen de hangende, ruige haren door, keken de twee helderbruine oogen je strak aan, met ongemeen intelligente uitdrukking. .Zijn meesters, die hem innig liefhadden, zeiden dan ook van hem: « Fram is geen hond; het is een mensch.»

Hij woonde met zijn meesters op een afgezonderd buitengoedje, ergens in het schoone Vlaanderen. Ik weet wel waar het is, of liever, waar het was, want het bestaat niet meer: 't werd in den wreeden oorlog vernietigd. Maar in dien tijd, toen het nog bestond, kwam ik er vaak, en sprak ik er met Fram: want Fram had een ziel en je kon met hem spreken.

Fram was de waakhond van het buitentje. Geen onraad kon daar in de buurt gebeuren, of Fram waarschuwde. Hij bezat als 't ware aparte zintuigen om te onderscheiden wat voor zijn meesters gevaar opleverde en wat onschuldig was. Op gewone bedelaars of zwervers b.-v. blafte hij niet; maar dieven voelde hij instinctmatig en ook 't gevaar der elementen scheen hij bij intuïtie te gevoelen, zooals dien avond, toen in een der bijgebouwen een begin van brand ontstond en hij blafte, blafte en blafte, tot zijn meesters buiten kwamen en nog bijtijds de ramp wisten te keeren.

Dit alles op één voorwaarde: dat hij los mocht loopen!

Hij had een hok, vlak vóór het huis en werd daar soms aan vastgeketend. Wonderbaarlijk was het om hem dan te zien. Hij stond daar, roerloos, als van steen, en wat je ook al deed of zei, hij gaf geen teeken meer van leven. Er mocht gebeuren wat er wilde, hij blafte niet; 't was net of er geen waakhond meer bestond. Hij keek je aan met zijn intelligente, strakke oogen, die schenen te zeggen: