is toegevoegd aan uw favorieten.

Nelly Degenstein

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

teefjes!" onderrichtte haar zuster. „Weet je niet wat dat zijn?" vroeg vader. „Kijk! ik zal 'tje laten zien." En in zijn vroolijke bui nam hij er een op zijn bordje, wierp het omhoog en trachtte het met zijn ledige bordje weer op te vangen. Maar, o wee! het wentelteefje wentelde anders als de bedoeling was. Het viel neer op de breed uitstaande zijden kap van de lamp. Een oogenblik keek de burgemeester heel verbaasd en verschrikt; toen barstte hij in een onbedaarlijk lachen uit en oogenblikkelijk schaterde klein Elsje mee. „Dat is een wentelteefje, paatje!" riep ze vroolijk en Nelly kon niet anders dan hartelijk meelachen om het dwaze van 't geval, vooral toen ze zag hoe haar vader zoo voorzichtig mogelijk het corpus delicti weer van de lamp prikte. Zij zou heel wat moeite hebben om de kap weer netjes in orde te krijgen, maar ze wilde de vroolijke stemming niet bederven en zei, toen men weer tot bedaren was gekomen, dat het niets erg was. Zij had toch nog wat te naaien dien middag en ze zou het wel gauw weer in orde hebben. Twee dagen later zag de kap er werkelijk weer keurig uit, waren de koffers behoorlijk gepakt, alle huishoudelijke aangelegenheden geregeld en om 9 uur 's morgens stonden allen reeds klaar voor den trein; alleen Bello gaf nog eenig oponthoud. Toen hij in de mand moest en deze gesloten werd, scheen hij met zijn trouwhartige oogen te vragen of dit nu het heerlijke „meegaan"