is toegevoegd aan uw favorieten.

Stadhuispijn

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mevrouw.

Ik kan dien besten jongen toch niet onder vreemden laten. (Boef zucht Md.) Hoort u, zoo gaat het maar aldoor.

Kempers.

't Is jammer, 't is jammer, zoo'n ijverig ambtenaar. Tk had zooveel met hem op, en literair was hij ook zoo aardig ontwikkeld, hij had wat stijl — heel veel was 't wel niet, maar... 't zou jammer zijn als-i voor de letteren verloren ging.

Mevrouw.

Als hij dit eens uit uw mond had mogen hooren...! Hij heeft zich misschien wat te sterk geagiteerd door die sollicitatie. Hij wenschte het zoo vurig, al kwam het niet met zijn aanleg overeen.

Kempers.

Hij is er totaal ongeschikt voor...

Mevrouw.

Maar 't geeft een magnifiek salaris...

Kempers.

U bedoelt het begrafenis-directeurschap. Ja, ja... t is juist heden beslist.

Mevrouw, luisterende naar hoef.

Zoo, en...?

Kempers.

Hij is 't geworden. Ik laat me in den regel over dergelijke benoemingen niet vooraf uit — och natuurlijk, men liet het aan mij over — jongen, jongen... zonderlinge speling van 't lot: zou de directeur nu de eerste zijn, die gemeentelijk ter aarde wordt besteld ?...

Mevrouw, huilende.

't Is vreeselijk ... vreeselijk !

Kempers, troostend.

Kom aan, moed gehouden, mevrouwtje, zoolang er leven is...