is toegevoegd aan uw favorieten.

Het honderdjarig bestaan van de Leidsche maatschappij van weldadigheid, ter voorkoming van verval tot armoede

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als onverbeterlijk, traag en zedeloos leert kennen, maakt hij aan de Hoofd-Directie bekend, die dezelve van de lijft der behoeftigen dezer Maatfchappij vervallen verklaart, en aan Directeuren van het op te rigten Werkhuis kenbaar maakt.

De Leydfche Afdeeling der Maatfchappij : Tot Nut van het Algemeen, dit ontwerp Hechts als eene proeve befchouwende, is er verre van af, dat zij deze voorgeftelde maatregelen voor geene betere wijziging zoude vatbaar keuren. Het zal haar reeds eene aangename voldoenino-

o o

zijn, wanneer zij door deze poging Hechts eenige aanleiding tot eene doelmatiger inrigting zal gegeven hebben. Voor het Overige acht zij het onnoodig, om hier iets ter opwekking der weldadigheid bij te voegen, daar het edele dezer deugd, en de fteeds hooger klimmende nood der ellendigen binnen deze ftad, luid en krachtig genoeg fpreken tot elk menfchelijk hart.

Leyden den 21. October 1817.

D. du MORTIER, Secretaris van het Departement en der Commisfie.

Deze oproep van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen had een gunstig onthaal. Het beoogde doel genoot veel sympathie en aan persoonlijke en finantieele medewerking ontbrak het niet. Het voorstel, zooals in dit stuk gedaan, getuigde van een grondig overwegen van de middelen, die voor de Leidsche armen nut konden afwerpen. Helaas is niet meer na te gaan op welke wijze in het departement van het Nut deze kwestie aan de orde is gesteld. Alles wat ons daaromtrent ter beschikking staat, is de oproep, maar deze onthult meteen iets