is toegevoegd aan uw favorieten.

Katholiek activistisch verweerschrift

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bezettende macht. Hadden wij te Brussel sedert tientallen jaren beter onthaal genoten, had Havere gesproken, klaar en beslist met de eenvoudige duidelijkheid van waarheid en recht, dan kon geen uitgebreid activisme ontstaan zijn. Beschuldigd werden wij ten anderen, vóór den oorlog, in het begin van den oorlog zoowel als later toen De Vlaamsche Posl verscheen en de raad van Vlaanderen geboren werd.

Voor de XX' Siècle is Van Cauwelaert « Herr von Cauwelaert. »

Onze tegenstanders voelen dat onze taalstrijd eene zijde is van den Germaansch-Latijnschen kamp.

Ik heb in P. Fredericq's Schets eener Geschiedenis der Vlaamsche Beweging de volgende treffende bladzijde gelezen over den invloed van den oorlog van 1870 op de Vlaamsche Beweging.

« Van al de gebeurtenissen, die in Europa sedert de Belgische Omwenteling zijn voorgevallen, oefende geen andere pen zoo grooten invloed uit op de Vlaamsche Beweging als de Fransch-Buitsche oorlog van 1870-71.

In de eerste jaren na 1830 had ons vaderland geheel en al onder de zedelijke overheersching van frankrijk gestaan. Doch, herhaaldelijk bedreigd met inpalining, vooral ondei tic j-egeering \an. Keizer Napoleon III en nog bet meest sedert de groote militaire zegepralen van Pruisen in 1860, had België allengskens zijne blinde bewondering en zijne onbegrensde liefde voor Frankrijk voelen verminderen. Be verpletterende overwinningen van J.hiitschland..., de gruwelen der Parijsche Commune en het tijdelijk verval van I' rankrijk... kwamen de Franschdolheid onzer hoogere standen geweldig schokken.... Be hooge naam der Latijnsche lieschaving van Frankrijk had in België een knak ontvangen, die het oud overweldigend aanzien vrfn den Zuidernabiiur brak, ten voordeele der Germaansche beschaving.

Natuurlijk moest de Vaaiijsche Beweging e.r eene groote zedelijke kracht uiit putten, zij die eenen dam wilde opwerpen tegen de verovering van België door Frankrijk'* taal en geest.

Nog meer dan de overige Belgen gevoelden de Vlamingen zich van dan af als ontvoogd, nu dat zij verlost waren van de nachtmerrie der Fransche inlijving, dio hunne moedertaal en hunne zelfstandigheid zoolang als een zwaard van Bamoclès boven 't hoofd had gehangen. Zij herademden als 't wam en schepten nieinven moed in hunnen vaderlandschen strijd. >

Toch hebben de Vlamingen altijd hunnen plicht gedaan. In een debat zeide M. Basse terecht(') :

« II n'y a guère de sympathie marquée pouf 1'Allemagne on Belgiqne

... Celui Qui \ou irait /onder des amitiés allemandes en pays flania-nd sorait accouilli... frafchemeiit. Nous flamingants ne voulons rappiocher le peuple flamand ni de 1'Allemagne, ni de la Franco, ni de rien du tont, sauf de lui-même.

Nous ne donnons donc anomie einprise a 1'intervention de 1'Allemagne.

11 n'en va pas de-ménie de nos adversaires.

Quand on voit ceiix-oi organiser un congres, une reunion quelconque, on y voit figuroi la 1'rance a la table d honneur en la personne de ministres francais, de consuls. <1 ambassadeurs, de députés et sénateurs francais et inême si Ion peut dire, de nombreusos decorations franjaises. »

Vlaanderens zonen stonden te Luik, te Namen, te Antwerpen, staan nu nog pal in het glorieslijk van den Ijzer. Vlaanderen draagt thans al het wee van de « kneuzende oorlogsvracht ».

De bezetting werd door geen Flaminganten veroorzaakt. Aan het veel pijnlijke daarvan hebben zij geene schuld. Dit alles gebeurt buiten hen om. Waar op sommige punten Vlamingen en Duitschers samenwerken geschiedt dit

(1) Verslag in « De Vlaamsche Hoogeschool » 3° jg. nr 2.