is toegevoegd aan uw favorieten.

Noord-Hollandsche menschen en dingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

algemeen en ofschoon ietwat schoorvoetend, wordt toebedeeld. „Over een goed jaar hebben Krelis en Wom wat bij elkaar voor een knappe zilveren bruiloft; maar komt daar eens om bij Geesje met haar dure kindernest, als het straks met haar en haar man zoover is".

Nu werpt het verschiet van Krelis' en Wompjes toekomstige zilveren bruiloft een tijdlang zijn licht der hope op den koffiekrans. En groote welsprekendheid zalft de lippen, als zich het onderwerp naarvoren dringt van den te wachten wedijver der knapen, om op dat feestgetijde de bruiloftsvrijer te mogen zijn van Gerrie, Wompjes en Krelisbuurs eenige huwelijksspruit. Moeder Wompje glimlacht gevleid, zoolang het onderhoud deze wending blijft nemen. Eindelijk herinnert zij echter aan het groote jaar dat nog tusschen al deze toekomstblikken en de gehoopte vervulling ervan ligt.

„Als ik eens denk: al de gastdagen nu alleen maar, die Krelis en ik eerst nog hier en daar en overal mee te maken hebben, voordat het aan onze bruiloft toe is! roept moeder Wompje uit. En thans begint zij een nieuwe telling op de vingers, en brengt als slotsom daarvan ter kennis: „Nog drie gastdagen, zoover ik tellen kan, in de eerste vier maanden, en daarna duurt het nog een vol jaar tot aan de bruiloft. Rekent dus maar gerust: alles samen eerst nog minstens wel tien gastdagen

„Buurvrouw! valt moeder Wompje zichzelf in