is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe wegen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

misschien niet zelf de schuld ... ? Bracht hij te veel z'n zorgen mee naar huis ... ? Avonden kon hij zwijgend achter z'n krant zitten peinzen, en als Meerhold er was, waren z'n gesprekken met hem louter zaken-gesprekken... Of kwam 't doordat je elkaar ontgroeide, de kinderen hun ouders en er 'n tijdstip kwam, waarop ieder z'n eigen weg ging en 't contact al geringer werd. Maar hij stremde die gedachten spoedig, wierp het onderhoud over 'n anderen boeg.

,,'t Beroerdste is," ging hij, wat kalmer toch, door, „dat je werk er onder lijdt. Hier, dat is nou al de derde keer, dat we 'n rekening terug krijgen, die niet accoord is... Wat maakt dat geen lammen sloffen indruk...! Je boeken zijn ook achter..Hij slierde 'n enveloppe op Jacobs lessenaar, met 'n nijdigen zwaai, wachtte even tot z'n zoon de ingesloten rekening had nagezien, vervolgde toen streng: „Je moet goed begrijpen, dat dat niet gaat op den duur... vooral in de toekomst moet ik op je kunnen rekenen . .. Je denkt toch niet, dat ik dien rompslomp van 'n nieuwe fabriek op m'n hals haal, enkel en alleen voor m'n plezier. Als 't niet voor jullie toekomst was ... Maar ik moet weten, aan wien ik m'n werk nalaat... je moet niet denken, dat ik ooit goed zal vinden, dat jij directeur wordt als ik maar 'n oogenblik bang zou moeten zijn, dat jij n zaak zou verwaarloozen, die ik nou met zoo veel zorg en hoofdbreken bezig ben in 't leven te roepen ... denk in Godsnaam niet, dat jij zonder werken d'r komen zal, zooals je vrinden zich dat verbeelden, hoor, dat zou je wel 'ns bitter tegen kunnen vallen."

Er was 'n oogenblik stilte, waarin Leyter als voorvoelde, dat Jacob iets grievends zeggen ging. Hij zag nu ook z n bleekheid en de nerveuze trekking in z'n gezicht.

„Als u zoo weinig vertrouwen hebt in m n werkkracht, dan was 't maar beter misschien, dat we de proef niet eens namen.. •"

„Wat bedoel je, jongen?" >t

„Dan zoek ik maar liever in-eens 'n andere betrekking.

^Jij... 'n betrekking?" Leyter rukte z'n stoel dieper onder zich, wild, dat het hout kraakte.

„U maakt daar nou aanmerkingen op 'n paar abuizen,