is toegevoegd aan uw favorieten.

Deken De Bo, een groote Vlaming

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wereld won er bij, uitgenomen, wel te verstaan, de verfoeielijke woekeraars, die klaagden en die men klagen liet.

In een woord, beste vriend, de streek en is niet kennelijk meer, en onze vooruitgang naar het goed verdappert alle dage. Ja, alle dage is er hier of daar een hardnekkige vijand, een oude tegenstrever die de wapens nederlegt. Zij zwichten voor het goed dat de godsdienst hun gedaan heeft; zij geven treffende exempels van edelmoedige deugd. Een van onze woekeraars heeft, op zijn sterfbedde, den helft van zijn onrechtveerdig goed wedergegeven aan die 't toekwam, en de reste aan den armen vermaakt bij een testament dat met zijnen dank, tot meerdere glorie van God is ruchtbaar geworden, 't En zijn bijkans geene vijanden meer, of zij zijn verzoend. De ouderlingen worden niet meer mishandeld en 't leven verkort, de armen worden geholpen, de kinderen in de vreeze Gods opgevoed. Geen huis, weêr rijk weêr arm, of men ziet er een of ander godvruchtig beeld in eere, met een taksken gewijden palm er boven. De kerke stropt van 't volk den zondag, voor de Mis en voor de Vespers. Komt de pastor in den preêkstoel, niemand meer die nog uitgaat; en de weinige koppigaards, die nog naar de kerk niet en willen, hebben daar reeds hunne plaats waar zij eens zitten zullen; want de eerlijke schaamte, die tegenwoordig het menschelijk opzicht vervangt, maakt dat iedere familie in de kerk haren zitbank heeft. Niemand en sterft meer zonder zijne laatste Gerechten.

Het geslacht dat opkomt zal nog beter zijn. Wij hebben twee scholen, eene van de Broeders, en eene van de Zusters; 't en is op de parochie geen een knechtje, geen