is toegevoegd aan uw favorieten.

Oude glossen en hun beteekenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een explicamentum, samengekoppeld door een 1 of .i. of simpel een punt (i); op dezelfde wijze als dit gebeurde bij interlineaire en marginale dubbelglossen.

Is hier het tweede explicamentum geen uitleg van het eerste, maar geeft het alleen een tweede beteekenis aan van 't lemma; dan wijst dit op combinatie van twee glossaria (2).

Een enkel voorbeeld haal ik aan uit het nog ongedrukte Glossarium Trevirense II :

Dalmatica . priestercleet 1 lanscap Canis . hont. 1 sterre.

Uit een ander vermeld ik :

parentelas « slagte 1 magscap » ingressus « inganc 1 ingegan »

intujtus « anesict 1 anesag » (3).

Zelfs woordgedeelten van synoniemen volstaan blijkbaar, als

irrorare « aneclawen 1 be »

waar « clawen » kan in te vullen zijn (4).

*

* *

(1) In Latijnsche ook door f = sive.

(2) In het eerste geval kan de verduidelijkte glosse interlineair zijD geweest. Zie een vrij wel gelijk geval bij U. Lindelof, Studiën zu Altengl. Psalter glossen (1904), S. 96. En verder boven, blz. 39, bij elleborum « hun. ein crut », — als voorbeeld aangenomen.

(3) Glossarium Bernense.

(4) Glossarium Bernense. Niet aannemelijk is dat dit een zelfde geval is als in den Derden Eduwaert (in Belgisch Museum IV, 364) waar bij

« dertien hondert ende jare » het opengelatene niet ingevuld is

geworden.

Zulke opengelaten ruimten zijn trouwens in onze Dietsche handschriften lang niet zeldzaam (De Vreese).

4