Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 1. Onafhankelijk van het bepaalde bij de resolutie van 3 Februari 1836 n°. 11 (Staatsblad n°. 10), is het op Java en Madoera verboden zonder vergunning van den GouverneurGeneraal ondernemingen voor de bereiding van suiker, werkende op overeenkomsten met de bevolking, in werking te brengen.

Artikel 2. De schriftelijke aanvraag tot zulk eene vergunning moet eene duidelijke omschrijving bevatten van de plaats, waar men de onderneming wenscht te vestigen, alsmede van het arbeidsveld, waarover men zijn bedrijf wenscht uit te strekken, en, tegen gedagteekend bewijs van ontvangst, worden ingediend door tusschenkomst van het Hoofd van het gewest, waarin bovenbedoelde plaats gelegen is.

Artikel 1. (1) (Gewijzigd bij Staatsblad 1905 n°. 148). Voor het in werking brengen en drijven van ondernemingen voor de bereiding van suiker en indigo, welke geheel of gedeeltelijk berusten op den grondslag van overeenkomsten met de Inlandsche bevolking tot inhuur van gronden of tot opkoop van gewas, ivordt eene vergunning vereischt van den Directeur van Binnenlandsch Bestuur.

(2) (Gewijzigd bij Staatsblad 1905 n°. 148). Gelijke vergunning wordt vereischt voor het weder in werking brengen en drijven van suiker- en indigo-onderne■ mingen, welker exploitatie, ter beoordeeling van den Directeur van Binnenlandsch Bestuur, geacht wordt definitief te zijn gestaakt.

Sluiten