Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„bracht van respectievelijk 520, 570 en 430 bouws, dan „bedraagt dat maximum, in verband met den algemee„nen maatstaf van artikel 2 alinea 1 der ordonnantie § 2 der Uitvoeringsvoorschriften, 57£> bouws. „Heeft zij laatstelijk slechts twee jaren achtereen, nl. „in 1896 en 1897, geplant, zoo wordt dezelfde berekening op de cijfers van die jaren toegepast; slechts „eens, nl. in 1897, zoo is de uitgestrektheid van den „aanplant in dat jaar, afgerond overeenkomstig ge„melde paragraaf der Voorschriften, het voorloopig „maximum der onderneming".

De bepaling in het eerste lid kon bij de vaststelling in het jaar 1910 — (Bijblad n°. 7238) — der nieuwe Uitvoeringsvoorschriften vervallen, dewijl ingevolge bet bepaalde in het derde lid van § 5 der oude voorschriften de in het eerste lid bedoelde ondernemingen na 5 jaren aangemerkt dienden te worden als dezulke, waarvan de exploitatie definitief was gestaakt. Indien binnen dien tijd de exploitatie hervat mocht zijn, zou bij hernieuwde staking het bepaalde in het tweede lid van genoemde paragraaf van toepassing zijn geworden, welk voorschrift in het eerste lid van § 4 der nieuwe voorschriften is overgenomen.

Sluiten