Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den aanleg van suikerbibit-aanplantingen te beletten nabij de bronnen der rivieren, welke plaatsen vaak bij voorkeur daartoe worden gebezigd, tot groot verlies aan irrigatiewater voor de bouwgronden der benedenlanden.

Heeft zulk eene sluiting van zekere streek of terreinen voor de particuliere landbouwnijverheid of eenigen tak daarvan plaats gevonden, dan is het gevolg daarvan, dat aan overeenkomsten, welke het gebruik, voor het verboden doeleinde, van binnen den gesloten kring gelegen gronden der Inlandsche bevolking beoogen, de vereischte bekrachtiging van het Hoofd van plaatselijk bestuur wordt onthouden (*) en dat overtreding van het gesteld verbod, ook zelfs wanneer de schuldige tot rechtvaardiging zijner occupatie van den grond zich op eene, onder welk voorwendsel ook verkregen, rechtsgeldige huurakte mocht beroepen, strafbaar is, krachtens artikel 6 der ordonnantie.

Intusschen spreekt het van zelf, dat niet dan na deugdelijk gebleken urgentie voorstellen tot toepassing van den onderwerpelijken maatregel door de Begeering in overweging zullen worden genomen.

Ook lijdt het geen twijfel, dat die urgentie slechts bij uitzondering zal blijken, daar streken, waar irrigatiewater zoo schaarsch is, dat zij voor de groote takken van landbouwindustrie geheel gesloten moeten worden, niet bij voorkeur door de particuliere nijverheid tot haar arbeidsveld zullen worden gekozen. 1

Behoudens hetgeen omtrent den aanleg van bibit-

(') Zie § 9 der Voorschriften tot uitvoering der grondhuurordonnantie in Staatsblad 1900 n°. 240, luidende:

„De bekrachtiging wordt geweigerd:

„a. wanneer de akte niet is opgemaakt in den voorgeschreven „vorm, zoomede wanneer de overeenkomst niet voldoet „aan de voorschriften der in § 1 genoemde ordonnantie of „bedingen bevat, welke in strijd zyn met andere wettelijke „verordeningen".

„b". enz.

Sluiten