Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zijn rapport beschryft daarom het vergift als „Un poison terrible, insaissisable, diabolique."

Wat dat onvindbare vergift geweest is, is niet met zekerheid uit te maken. Wanneer het niet van organischen aard is geweest, wat natuurlijk niet geheel onmogelijk is, mag naar de beschrijving van de uitkomsten der proeven worden aangenomen, dat de vloeistof een oplossing is geweest van rattenkruit. Alle door Gruy Simon bij zijn scheikundige proeven verkregen negatieve uitkomsten wijzen daarop.

Kende de toenmalige scheikunde de eigenschappen van de arsenicum-verbinding, die den volksnaam „rattenkruit" draagt, dan nog niet ?

Yoor een deel wel, doch de kennis was uiterst gebrekkig en de proeven die men, ook nog in de 18e eeuw nam, om de aanwezigheid van rattenkruit te bewijzen waren zoo ruw, dat er alleen by zeer groote hoeveelheden, vele duizenden malen grooter dan de hoeveelheden, die de tegenwoordige scheikunde in staat is met absolute zekerheid aan te wyzen, kans was het te kunnen vinden.

De meest gebruikelijke proef was, een weinig van de stof, die men vermoedde rattenkruit te zijn, op gloeiende kolen te werpen, waarbij zich een eigenaardige aan knoflook herinnerende reuk ontwikkelt. Het is duidelijk, dat hierbij reeds een betrekkelijk groote hoeveelheid wordt vereischt, zelfs wanneer men met zuiver rattenkruit te doen heeft.

Wanneer het echter met een zyn eigen gewicht vele duizenden malen overtreffende hoeveelheid andere stoffen is vermengd, zooals dit in lykendeelen, ook meestal in vergiftigde spijzen het geval is, is die proef hoogst onzeker, zoo niet volslagen onbruikbaar. Bij smeuling rieken die bijgemengde stoffen zoo doordringend, dat zij den knoflookreuk geheel onwaarneembaar kunnen maken. Daarenboven is een reukindruk zeer dikwijls afhankelijk van persoonlijke

Sluiten