Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

afdeelingen voor de vrije gestichten geregeld : deze zullen alleen bestemd zijn voor kinderen van Waalsche ouders, en niet voor de kinderen van Vlaamschen oorsprong wier ouders zoo kortzichtig en weinig vaderlandslievend zijn dat zij hun kroost opvoeden in een vreemde taal en het alzoo onbekwaam maken, op lateren leeftijd, de sociale plichten tegenover hun Vlaamsche medeburgers te vervullen.

Het blijft dus een noodzakelijke eisch dat de wet van 1883, die een minimum van Nederlandsch onderwijs oplegt, stipt, eerlijk en volledig uitgevoerd, dat mettertijd dezelfde heilzame methode van onderricht bij middel van het Nederlandsch als voertaal, tot andere hoofdvakken worde uitgestrekt, dat de vrije gestichten, in het Wlaamsch gedeelte van het land gelegen, tot het volgen derzelfde onderwijsmethode worden aangespoord, en dat, in afwachting daarvan, de pas gestemde wet stipt worde nageleefd.

£ager Onderwijs.

De menschelijke geest verricht in de kinderjaren den grootsten arbeid van opnemen en vergaren. Wanneer het kind, op zesjarigen leeftijd, op school komt, bestaan in de kinderziel niets anders dan voorstellingen en begrippen innig verbonden, samengegroeid en vereenzelvigd met de klanken die gediend hebben om ze tot stand te brengen. Het verstand van het kind is één met zijne moedertaal en zijne moedertaal één met zijn verstand.

Wil men dus dien eersten paedagogischen regel toepassen, van het onbekende aan het bekende te knoopen, dan is de eerste eisch, die men moet stellen voor de lagere school in Vlaamsch-België : alle onderwijs der lagere school dient in de taal van het kind, dit is, in Vlaamsch-België, in het

Nederlandsch gegeven te worden.

* *■

Met het doel den omgang met het volk voor de hnogere verfranschte standen, voor Vlaamschonkundige beambten, politieke mannen en magistraten te vergemakkelijken, ontstond de wensch in alle lagere scholen van het Vlaamsche land een tweede taal, hat Fransch, te onderwijzen.

Alsof de hoogere standen, de ambtenaars, de politieke mannen die allen middelbaar of hooger onderwijs genoten, over niet meer tijd en geld beschikten om de taal van het volk aan te leeren !

Sluiten