Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wensch gaat, zal het eind zijn, dat de markt voor ruwe djeloetoeng verdwijnt. Maar delft dan de Regeering niet het graf der djeloetoeng voor het geval eene concessie niet aan de verwachtingen beantwoordt en ingetrokken moet worden? Waar zal de bevolking dan nog afzet voor dit product kunnen vinden? In 1910 heeft de inzameling van djeloetoeng onder de bevolking der Zuider- en Wester Afdeeling van Borneo alleen 4 a 5 millioen gulden gebracht, een belang dat wel waard is ontzien te worden.

De behandeling dezer zaak verraadt niet alleen om het bovenstaande maar ook door sommige bepalingen der concessievoorwaarden, dat zij den invloed heeft ondervonden eener zucht tot overhaasting. Ik heb hier in de eerste plaats de voorwaarde op het oog, dat de concessionaris geen ruwe, onbereide djeloetoeng mag uitvoeren of aan de markt brengen van het oogenblik dat hij de concessie aanvaardt. Dit verbod geldt dus ook voor den tijd, gedurende welken hij nog geene fabriek in werking heeft, waartoe hij eerst na 2 jaren verplicht is. In den tijd, die tusschen de aanvaarding der concessie en de inwerkingbrenging der eerste fabriek verloopt, zal het bedrijf daardoor grootendeels tot stilstand gedwongen zijn, want de concessionaris heeft geen belang om groote voorraden ter latere verwerking op te slaan. Maar daardoor wordt het bedrijf der inzamelaars voor een korteren of langeren tijd getroffen. De vrijheid tot uitvoer of verkoop van ruwe djeloetoeng zou een concessionaris die het rijk alleen heeft, gelegenheid laten de buitenlandsche markt te manipuleeren. Dit bezwaar weegt echter voor Nederlandsch-Indië minder dan het eerste. Heeft men tusschen deze twee bezwaren te kiezen, zoo schijnt de keus te moeten vallen op eene regeling, waarbij de

Sluiten