Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

c. op voordracht van burgemeester en wethouders of van den arrondissements-schoolopziener, indien het een onderwijzer betreft, die niet aan het hoofd eener school is geplaatst.

Tn de twee laatste gevallen kan het ontslag niet-eervol worden verleend.

Door Gedeputeerde Staten kau worden verklaard , dat de niet-eervol ontslagen onderwijzer de bevoegdheid tot het geven van onderwijs heeft verloren.

Aan onderwijzers verbonden aan eene school, uitsluitend door het Rijk bekostigd, wordt, hetzij overeenkomstig eigen verzoek, hetzij ambtshalve, ontslag verleend door Onzen Minister, die met de uitvoering dezer wet belast is.

30. Een onderwijzer, aan eene gemeenteschool verbonden, kan op voorstel van den arrondissements-schoolopziener voor hoogstens eene maand door burgemeester en wethouders worden geschorst. Zij geven hiervan onmiddellijk kennis aan den gemeenteraad en aan den districts-schoolopziener met opgave van de redenen der schorsing.

De schorsing geschiedt zonder stilstand van jaarwedde.

Zij kan binnen den tijd, waarvoor zij is uitgesproken , door den gemeenteraad worden opgeheven.

31. Behalve op de wijze, in de twee voorgaande artikelen bepaald, kan de schorsing of het ontslag, doch in het laatste geval slechts niet-eervol, op voordracht van den districts-schoolopziener door Gedeputeerde Staten worden uitgesproken.

Op dergelijk ontslag is het voorlaatste lid van art. 29 toepasselijk.

32. In de tijdelijke waarneming der door schorsing, ontslag of ontstentenis aan eene gemeenteschool opengevallen plaats wordt door burgemeester en wethouders in overleg met den arrondissements-schoolopziener voorzien.

(30) laatste alinea. De geschorste moet het recht hebben zich, des geraden achtende, tot den gemeenteraad te wenden en van dezen ontheffing te vragen. (M. v. T.)

(32) Zie art. 32öis.

Sluiten