Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het geven van huis en schoolonderwijs in een der vakken of in beide vakkeu, genoemd onder j en k in art. 2 der wet;

b. die, waarvan het bezit met den rang van hoofdonderwijzer de bevoegdheid verleent tot het geven van huis- en schoolonderwijs niet alleen in de vakken, vermeld in art. 2, onder a—i, maar ook in die, aldaar genoemd onder o en q, en tevens bevoegdheid kan verleenen tot het geven van huis- en schoolonderwijs in een der vakken of in beide vakken, genoemd onder/en £ in art. 2 der wet;

c. die, waarvan het bezit de bevoegdheid verleent tot het geven van huisonderwijs of tot het geven van huis- en schoolonderwijs in bepaalde vakken.

57. Ter verkrijging der akte, vermeld in artikel 56 onder <z, wordt vereischt:

a. de volbrachte leeftijd van achttien jaren;

b. het afleggen van een examen, waartoe ten minste eenmaal 'sjaars de gelegenheid wordt open¬

gestelde akten of toelatingen bij het afleggen van het in art. Qbbis vermelde examen van het vak/, vrijgesteld van het in art. 65ter daarvoor bepaalde examengeld. (Beslissing van den Minister van Binnenlandsche Zaken, medegedeeld aan Gedeputeerde Staten bij missive van 4 September 1890, litt. A, afd. onderwijs )

— litt. b. De bezitter der akte van bekwaamheid bedoeld in litt. b, is bevoegd tot het geven van onderwijs in de vakkeu, vermeld in art. 13 der wet van 2 Mei 1863, S. 50, (Wet tot regeling van het middelbaar onderwijs) onder ƒ—h, van de aldaar bedoelde scholen.

Gelijke bevoegdheid heeft de bezitster dier akte tot het geven van onderwijs aan middelbare scholen voor meisjes in de vakken, waarin het 3e lid van art. 78 der wet van 2 Mei 1863, S. 50, gelijke bevoegdheid geeft aan de bezitster der akte, vermeld in art. 45 der wet van 13 Aug. 1857, S 103 (lager onderwijs).

(Zie art. 3 en 7 der wet van 15 April 1879, S. 87.)

(57) Dit artikel is aldus nader vastgesteld bg de wet van 24 Juni 1901, S. 187.

— litt. b. Het programma van het examen is vastgesteld bij besluit van 17 December 1890, S. 183, gewijzigd brj besluit van 17 April 1899,

Sluiten