Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ranten afzonderlijk ondervraagd; het vangt aan ten minste 14 dagen na het schriftelijk examen.

8. De voorzitter van elke commissie roept de leden voor den aanvang der examens bijeen ter plaatse, waar ze zullen gehouden worden. De commissie verdeelt zich alsdan in sub-commissiën , welke ieder in het bijzonder belast worden met het onderzoek in één of meer verschillende vakken.

Voor ieder vak wordt een lid aangewezen als examinator; deze is belast met het nazien van het daarvoor verrichte schriftelijk werk en voorts nog een lid om dat schriftelijk werk mede na te zien en ook het mondeling examen bij te wonen. Dezelfde persoon kan met het examineeren iu meer dan één vak worden belast.

In de gemelde bijeenkomst wordt tevens het plan voor de inrichting der examens vastgesteld en worden de leden der commissie aaugewezen , wien het toezicht op het maken van het schriftelijk werk is opgedragen.

9. In dezelfde, of zoo noodig, in eene volgende bijeenkomst worden de opgaven voor het schriftelijk werk vastgesteld.

10. Het schriftelijk werk wordt door de adspiranten onder voortdurend toezicht gemaakt.

Het gebruik van hulpmiddelen is daarbij verboden.

Hun die zich aan eenig bedrog bij het examen schuldig maken, wordt terstond de verdere deelneming aan het examen ontzegd.

Het schriftelijk werk van iedere groep adspiranten moet nagezien zijn vóór den aanvang van het mondeling examen van die groep.

11. Aan het oordeel over de kennis der adspiranten neemt de geheele commissie deel, gehoord de sub-commissiën, die het examen hebben afgenomen.

Het oordeel wordt uitgedrukt door een der cijfers van 1 tot 10, aan welke de volgende beteekenis is te hechten :

10 uitmuntend; 5 twijfelachtig;

9 zeer goed; 4 onvoldoende;

8 goed; 3 zeer onvoldoende;

7 ruim voldoende; 2 gering;

6 voldoende; 1 zeer gering.

12. Omtrent den uitslag van het examen wordt

Sluiten