Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

afgegeven bewijzen van overscheping nog aan boord moet hebben.

Artikel 58. Een handelsvaartuig mag niet vertrekken vóórdat den havenmeester is overhandigd een bewijs van den ontvanger, dat de gezagvoerder aan zijne verplichtingen ten opzichte der in- en uitvoerrechten heeft voldaan, dan wel dat ten genoegen van laatstgenoemden ambtenaar de agenten van het schip of anderen zich aansprakelijk hebben gesteld voor de boeten door hem beloopen.

Deze bepaling is niet toepasselijk op inlandsche vaartuigen, op een jaarpas varende, evenmin op schepen, die niet langer dan 48 uren ter plaatse vertoefden en tevens aldaar geene handelsgoederen hebben geladen of gelost.

REGLEMENT La B.

HOOFDSTUK I.

Aankomst.

Artikel 1. Bij aankomst van een handelsvaartuig uit zee wordt tegen regu eene algemeene aangifte van de aan boord aanwezige handelsgoederen en provisiën gedaan.

Is elders reeds algemeene aangifte gedaan van de goederen buiten het tolgebied ingeladen, dan vervangt de inlevering van dat stuk of die stukken de aangifte dier goederen.

Voor goederen, binnen het tolgebied ingeladen, kan de aangifte vervangen worden door inlevering van de daartoe betrekkelijke documenten.

De inlevering van de in dit artikel bedoelde stukken heeft plaats ten kantore van den ontvanger.

Het Hoofd van gewestelijk bestuur kan eene andere plaats voor de inlevering aanwijzen, in welk geval de opgemaakte of ingeleverde stukken van daar verzegeld worden medegenomen ter overhandiging aan den ontvanger, binnen den bij het volgend artikel bepaalden termijn.

Sluiten