Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M O I) E L L.

(Art. 461.)

Op den (volledige dagteekening met tijdsbepaling) werd door mij. (naam, qualiteit en woonplaats) gezien, dat

geboren te ... den . . . IS .

van beroep . . . . , wonende te . ,

liep over een stuk bouwland gelegen aan den kunstweg, onder beheer van de gemeente .... en in eigendom en gebruik behoorende aan , oud jaren, van beroep . . • wonende te ... , tot welk land de toegang op eene voor ieder blijkbare wijze, door middel van aan den ingang geplaatste borden met „verboden toegang" door den rechthebbende is verboden.

Genoemde persoon, hierover gehoord, erkende, op dien grond te hebben geloopen, zonder daartoe gerechtigd te zijn, en tevens dat de toegang op voor hem blijkbare wijze was verboden ; terwijl hij als reden daarvoor opgaf, dat hij zulks gedaan had om zijn weg te bekorten.

Op verzoek van den rechthebbende op dien grond,

voornoemd, heb ik hiervan op afgelegden ambtseed dit proces-verbaal opgemaakt.

den ... 19 (Handteekening)

Sluiten