Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 10 vierde lid der Arbeidswet.

Naar aanleiding van de in het smidsbedrijf, waarvan hoofd (of

bestuurder) is R . . . R , geboren te ... .

den . . . . 18 . ., wonende te .... en den jeugdigen

persoon W . . . . W oud 14 jaar, van beroep

smidsleerling, wonende te . . . ., op den .... geëindigde dienstbetrekking waarvan genoemd hoofd (of bestuurder) de betrekkelijke arbeidskaart tot heden niet, derhalve niet binnen 2 X 24 uren terug bezorgde bij den Burgemeester der gemeente .

door (of vanwege) wien zij werd afgegeven, is door mij (naam, qualiteit en woonplaaats) op den (datum, jaar) genoemde jeugdige persoon gehoord, die verklaarde tot den .... als knecht in het smidsbedrijf van R . . . R . . . . werkzaam te zijn geweest, op welk tijdstip de arbeidsbetrekking, daar hij van patroon ging veranderen, tusschen hem en evengemeld hoofd (bestuurder)

eindigde, en hij zulks persoonlijk aan dezen, in tegenwoordigheid van den voorwerker P . . . S . . . . had medegedeeld.

Laatstgenoemde P . . . S . . . ., oud jaren, van beroep' smid-voorwerker, wonende te ... . bevestigde dit, en verklaarde, dat genoemde jeugdige persoon op den .... voor het laatst in het ,bedrijf van zijn patroon R . . . R werkzaam is geweest.

Voorts hoorde ik meergenoemden R ... E .... die erkende hoofd (bestuurder) van bedoeld smidsbedrijf te zijn, dat de jeugdige persoon W ... W .... tot den .... in

zijn bedrijf werkzaam is geweest, en op dat tijdstip de arbeidsbetrekking tusschen hem en dezen eindigde, terwijl hij tot heden nalatig bleef de betrekkelijke arbeidskaart, welke nog in zijn bezit is, terug te bezorgen bij den Burgemeester der gemeente door (of vanwege) wien zij werd afgegeven.

Ik heb die arbeidskaart in beslag genomen en zal deze bij dit proces-verbaal worden overgelegd.

Waarvan door mij op afgelegden ambtseed dit proces-verbaal is opgemaakt.

. . . . den .... 19 . .

(Handteekening).

Sluiten