Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zijn erfenis die Hij verworven heeft door Zijn overwinning over den duivel en den dood, en als bekleedende de hoogste plaats van eer en heerlijkheid. De dienstknecht staat, de heer zit; op aarde was Hij als één die dient: nu is Hij de Heer van Zijn Kerk, en verwacht dat zij Hem zal getrouwelijk dienen in den levensaard van al hare leden.

Daarom, nadat wij in de Collect ons geloof beleden hebben, gaan wij voort om te bidden : " Geef dat wij alzoo met ons hart en verstand derwaarts mogen opklimmen, en aldaar gedurig met Hem verkeeren, Die met U en den Heiligen Geest, een eenig God, leeft en regeert in eeuwigheid. Amen."

Wij werden gedoopt: en in den Heiligen Doop zijn wij op zinnebeeldige wijze met Christus begraven en weder opgewekt. Zoo leert ons S. Paulus: hij zegt, " Zijnde met Christus begraven in den Doop, in welken gij ook met Hem opgewekt zijt, door het geloof der werking Gods, Die Hem uit de dooden opgewekt heeft." En hij vermaant ons, " Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zoo zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand van God. Bedenkt de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn." Onze gedachten moeten vol wezen van hemelsche dingen. Op zoodanige wijze dan moeten wij met ons hart en verstand nu opklimmen naar den Hemel. Dit moet de gedurige houding van ons gemoed wezen. Wij moeten met Christus gedurig verkeeren, gedurig met Hem omgang hebben. En wij doen dit wanneer wij waarlijk met hart en ziel bidden,—want gebed is gemeenschaphouding met God : wanneer wij geloovig en eerbiedig de Heilige Communie ontvangen,—want onze Heer zegt, " Die Mijn Vleesch eet en Mijn Bloed drinkt, die blijft in Mij en Ik in hem" : wanneer wij Zijn geboden onderhouden,—want " die Zijne geboden bewaart, blijft in Hem en Hij in denzelven."

Sluiten