Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zorgvuldigheden en verzoekings van den dag van morgen zwaarder maken door vooruit angstig daarover te zijn; het zij genoeg wanneer zij komen. " Bewaar ons, o Heer, door Uwe voortdurende ontferming," in dien levensstand waarin Gij, onze hemelscbe Vader, ons geplaatst hebt.

C. 167 ; t. 92, 145 ; È. 127 ; A. 136, 176, 178, 190, 221.

DE ZESTIENDE ZONDAG NA DRIEËENHEID.

" Het Bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde."—1 Johannes i. 7.

" Ik dank onzen hemelschen Vader van harte dat Hij mij tot dezen staat van zaligheid door Jezus Christus onzen Zaligmaker geroepen heeft. En ik bid God dat Hij mij Zijne genade schenk e, dat ik in denzei ven mcge volharden tot het einde van mijn leven."

"Wat is de inwendige en geestelijke genade van den Doop? Eene afsterving van zonde en eene wedergeboorte tot rechtvaardigheid."

Verleden week werden wij geleerd te bidden dat de Kerk, wegens de zwakheid van hare leden, moge behoed worden voor alles wat schadelijk is, dat van buiten komt, zooals valsche leer en wereldschgezindheid. Van daag bidden wij dat de Kerk moge behoed worden voor alles wat schadelijk is, dat van binnen komt: dat zij moge gereinigd worden. Wegens des menschen zwakheid heeft de Kerk noodig behoed te worden voor uitwendige gevaren : wegens des menschen natuurlijke verdorvenheid

Sluiten