Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de maatschappij een menschenvriend geïnterresseerd, de heer E. Deen. Hij gaf een voorschot van £ 20.000 op voorwaarde dat de houders der debentures hem die in optie gaven tegen 50 pet. en dat de houders der aandeelen hem die verkochten of in optie gaven tot zeer lagen prijs.

Die philantropie werd rijk beloond. Zoodra de aandeelen der Anglo-Terek door die aankoopen en opties in weinig handen waren geconcentreerd, begon een geheimzinnige combinatie deze aandeelen ter beurze van Londen op te zetten en werd de pari-koers weldra overschreden.

Op ongeveer dien prijs interesseerde zich een Fransche groep bij de aandeelen; eene emissie van £ 60.000 aandeelen a pari, ook alle door de Fransche groep genomen, bracht geld in de kas, het voorschot van den heer E. Deen van £ 20.000 werd afbetaald, de £ 20.000 debentures, waarop de heer E. Deen tegen 50 pet. optie had, werden a pari afbetaald, hetwelk een winst opleverde van £ 10.000, en de heer E. Deen had de gelegenheid om de door hem en de AngloDutch geaccumuleerde goedkoope aandeelen op mooien prijs te verkoopen. Een mooi zaakje dus, dat best een chèque aan de weduwe kon lijden.

Het eenige vervelende van deze zaak is, dat de £ 60.000 aandeelen a pari, minus 10 pet, provisie, werden verkocht aan de heeren E. Porgès & Cie. te Parijs, de firma welke de Union des Pétroles met dén heer E. Deen deed. Het behoort dus niet tot de onmogelijkheden, dat vroeg of laat ook de firma Porgès voor de zooveelste maal bewijst, dat zaken doen met den heer E. Deen niet bevorderlijk schijnt aan permanente vriendschap.

Hiertegenover stelde de heer E. Deen het volgende.

De erfgenamen van den in Februari 1911 vermoorden directeur Mac GtArvey, zijnde zijne weduwe en zijne dochter Mrs. Blaker, heeft hij nimmer gezien of gesproken. Hij wist destijds niet, doch heeft thans vernomen, dat de weduwe er financieel niet kwaad bij zit en dat de broeder van wijlen den heer Mac Garvey een van de rijkste menschen is in de petroleumwereld.

Nadat de erven Mac Garvey sedert Juni 1911 vruchteloos getracht hadden door de firma Kerley & Co. bovenbedoelde aandeelen aan anderen te verkoopen, boden zij die door hunne advocaten, de heeren Finch & Turner, aan hem te koop aan. Hij wees dit aanbod van de hand, doch stelde hun voor, met

Sluiten