Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan worden, wanneer men maar formulieren krijgt, waarop staat, wat men moet invullen. Wanneer 3 aangenomen wordt, is er geen overwegend bezwaar voor de ongevallenverzekeringsmaatschappijen tegen hetgeen de commissie zegt onder 1. Alleen wil ik iets zeggen over lb. Mijnheer de voorzitter, dat lijkt mij een absoluut inwendige aangelegenheid van de verzekeringsmaatschappijen tegenover de verzekerden, waar wij geneesheeren ons heelemaal buiten moeten houden; dat is ook voor de verzekeringsmaatschappijen onaannemelijk. De gewone regeling is zoo, dat de patiënten de uitkeering krijgen, zoodra zij het bewijs geven dat zij onder geneeskundige behandeling zijn. Dat is het tijdstip, waarop de uitkeering geschiedt. Gaat een maatschappij daarvan af en laat zij de mogelijkheid open dat de uitkeering eerder begint, dan staat de deur zoo wijd open voor alle mogelijke misbruiken, dat een verzekeringsmaatschappij, die haar belangen begrijpt, dat onmogelijk zou kunnen toelaten. Maar bovendien, dunkt mij, dat die conclusie heelemaal vervalt, omdat deze zaak behoort tot de inwendige aangelegenheden van de verzekeringsmaatschappijen, _ Er staat dat in de beginformulieren verschillende vragen niet moeten worden gesteld. Alleen zou het gemakkelijk zijn, indien het verband tusschen ongeval en letsel er in bleef. Moet het vervallen, welnu, dan is er niet zooveel bezwaar tegen, wanneer dan later maar weer wordt gestipuleerd dat aan de controleerende geneeskundigen de bevoegdheid wordt gelaten zich daarover uit te laten. Er staat sub 1 D, „dat in de formulieren voor controleerend-geneeskundigen geen oordeel zal gevraagd worden over de geneeskundige behandeling". In mijn maatschappij vragen wij dat ook niet. Wèl wordt wel eens gevraagd aan een controleerend-geneeskundige: „Hoe denkt u, dat de behandeling in den vervolge zal moeten zijn om den patiënt zoo gauw mogelijk weer op de been te helpen?" Mij dunkt, daar is ook niets tegen; dat is een heel gewone vraag. Dat de vraag naar de financieele draagkracht van den patiënt uit de formulieren zou vervallen, is goed; daar heeft een geneesheer niets mee te maken. Maar dan moeten wij elkaar goed begrijpen. Het zal vervallen uit het formulier. Daar is niets tegen. Ik gebruik geen formulier. Wanneer ik controle wensch, dan schrijf ik even een briefje aan den geneesheer: „Wil je^ eens nagaan, of er anatomische of functioneele afwijkingen zijn ? Vertel me eens, hoe je denkt over de arbeidsongeschiktheid. En hoe lang zal het duren? Ik gebruik dus geen'formulier, maar vraag in mijn briefje wel degelijk het oordeel over de behandeling en hoe het verder zal moeten loopen. Ik wil gaarne weten van de commissie, of wij, wanneer wij geen formulieren gebruiken, dan den geneesheeren geen advies mogen vragen omtrent de punten, die ons

Sluiten