Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mijnen een onderzoek is ingesteld en niet bij de directies van andere mijnen, terwijl ook de mijnartsen zelve door haar niet zijn gehoord. Terecht vindt de afdeeling dat onderzoek onvolledig. Daarom zou ik willen voorstellen de commissie diligent te verklaren en aan haar op te dragen alsnog bij verschillende leden van de afdeeling ZuidLimburg en bij de directies der andere mijnen een onderzoek in testellen. Misschien geeft dat nader onderzoek dan de commissie aanleiding haar conclusies te wijzigen, dan wel dat zij haar conclusies op vasteren gronden kan handhaven.

Het lid der commissie, de heer A. R. Cohen:

De commissie heeft getracht een nader onderzoek in te stellen. Eén harer leden heeft verzocht aan de directies der andere mijnen een onderhoud te mogen hebben, maar kreeg bericht, dat dit werd geweigerd.

De afgevaardigde van de afdeeling Zuid-Limburg, de heer C. F, T, J. Meuleman:

De kwestie of ook andere mijnen in onderzoek zijn geweest dan wel alleen de staatsmijn, is niet van het grootste belang. Van veel grooter belang is het dat geen enkele mijnarts is gehoord en dat nog wel, nadat de voorzitter van de afdeeling Zuid-Limburg aan de commissie schriftelijk gevraagd heeft eventueel ook menschen uit de praktijk te hooren en niet alleen specialisten, die in Heerlen zelf zitten en die er misschien wel over kunnen oordeelen, maar in elk geval niet de toestanden kunnen beoordeelen zooals menschen, die in de gewone fondspraktijk arbeiden. Er staat o.a. dat de commissie de bezoldiging der artsen voldoende acht. Dat geldt toch zeker maar voor een klein deel, mijnheer de voorzitter!

De voorzitter:

Heeft de commissie bezwaar tegen het voorstel van den hoofdbestuurder-secretaris of heeft de heer MEULEMAN bezwaar? Neen? Dan kunnen wij het eenstemmig aannemen. (Applaus).

De afgevaardigde van de afdeeling Zuid-Limburg, de heer C. F. T. J. Meuleman:

Mijnheer de voorzitter! Ik wil den heer SCHREVE namens mijn kring dank zeggen voor zijn voorstel, De afdeeling heeft er niet mee willen komen, met het oog op de kosten, maar wij accepteeren het nu gaarne.

De voorzitter:

De commissie danken wij intusschen zeer voor wat zij gedaan heeft, in afwachting van een door haar opnieuw in te stellen onderzoek. Aan de orde komt dan ten slotte punt IV, 23° der agenda:

Punt IV, 230.

Verslag

Het nemen van besluiten omtrent het verslag der commissie, belast met het onderzoek naar de opleiding en vorming der specialisten.

comm. in zake opleiding en vorming der specialisten.

Sluiten