Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mogen gerust erkennen dat wij misschien wijziging noodig achten, maar laten wij dit op ridderlijke, royale wijze doen, zonder het te verbloemen. (Applaus).

De afgevaardigde van de afdeeling 's-Hertogenbosch en O., de heer S. Diamant:

Mijnheer de voorzitter! Onze afdeeling heeft een motie ingediend, naar aanleiding van den algemeenen leidraad, ons verstrekt. Nu wilde ik u vragen of het derde lid van de motie ....

De voorzitter:

Dan maken wij de zaak verward. Het is beter dat wij het derde deel van de motie achterwege laten. U kunt het later altijd indienen, riet lijkt mij beter dat u de motie splitst en wij nu alleen de twee eerste punten der motie uwer afdeeling bespreken.

De afgevaardigde van de afdeeling 's-Hertogenbosch en O., de heer S. Diamant:

Geachte vergadering! Bij de toelichting van de motie zal ik mij natuurlijk niet wagen aan juridische vragen. Ik zou mij dan begeven op een terrein, waar ik niet geheel thuis ben. Maar toch meent onze afdeeling, dat er iets gezegd moet worden over het oordeel van onzen rechtsgeleerden raadsman. Als wij geneesheeren een advies krijgen van een jurist, dan beginnen wij met te zeggen: „Dat zal wel juist zijn. Maar het is niet zoo lang geleden dat wij gezien hebben welk een eigenaardig advies door drie vooraanstaande rechtsgeleerden, de drie H s, gegeven is. Nu hebben toch meerderen met mij de aanbidding voor de juridische uitspraken verloren en wij meenen toch \\ el dat wij eenigszins het recht hebben die uitspraken te beoordeelen. Wanneer wij eens nagaan tot welke consekwentie men kan komen, als wij den leidraad volgen, dan is het, volgens het advies van onzen rechtsgeleerden raadsman, dat een door de maatschappij te sluiten contract, dus een daad van de maatschappij, niet geheel te voldoen heeft aan de bindende besluiten. Het zou dus zelfs mogelijk zijn dat onze maatschappij ziekenfondsen oprichtte, waarvan zij de uitvoering opdroeg aan alle geneesheeren, ook zelfs aan geroyeerden of geboycotten. Zij zou ziekenfondsen kunnen oprichten in den vorm van onze afdeelingsziekenfondsen, waarvan de maatschappij bepaalde, wie het bestuur vormt, hoe de algemeene vergadering er uit ziet, en waaraan wij geneesheeren dan geen deelnemers, in de oude beteekenis, zouden zijn, maar slechts degenen, die te zorgen hebben voor de geneeskundige behandeling van de verzekerden. Deze consekwentie zal toch niemand willen aanvaarden. Nu iets over den geest van het bindend besluit. Ook te dien opzichte kan onze afdeeling het er niet mede eens zijn dat, wanneer de leidraad wordt gevolgd, het algemeen bindend besluit niet zou worden overtreden. Wij hebben toch nergens

Sluiten